Als Jouw Schrijfcoach geef ik sinds kort – bij wijze van experiment – individuele coaching aan twee beginnende auteurs die een boek willen schrijven. In dertien weken tijd help ik hen om hun schrijfvaardigheid te verbeteren en zo hun boek beter te maken. Ik geef hen handige tips, tools en stappenplannen en voeg daaraan mijn kennis, inzichten en een gezonde dosis humor, enthousiasme en fanatisme toe. En af toe ben ik best kritisch. Dat moet nu eenmaal – of laat ik zeggen: dat is nodig- als je als schrijver wilt groeien…
“Een van de grootste skills van een schrijver is zelfvertrouwen hebben en houden, zelfs als anderen zeggen dat zijn werk niet goed genoeg is” – Ron de Joode, Jouw Schrijfcoach
Het coachen van beginnende auteurs die hun eigen non-fictieboek gaan schrijven is een leuk, maar vooral ook een spannend en leerzaam traject. Niet alleen voor mijn cliënten, hoor! Zelf krijg ik ook steeds meer inzichten. Bijvoorbeeld over hoe ik overkom op andere mensen. En hoe zij leren. Hoe zij informatie tot zich nemen. En het “ineens begrijpen”. Of juist helemaal niet… Het is alsof iemand mij een spiegel voorhoudt. Ik besef me namelijk ook eens te meer dat mijn felle kritiek, hoe goed bedoeld ook, soms tamelijk bot kan klinken en keihard bij iemand kan binnenkomen. Ja, coaching is net mensenwerk. Het vraagt – wat de Duitsers noemen – een Fingerspitzengefühl: nauwkeurig onderzoeken wat jouw cliënt wil. Je echt met hem of haar verbinden. Een kwestie van aanvoelen en inleven. Weten wat er ‘van binnen’ speelt.
Even geen zin om een boek te schrijven
Ik begrijp het dan ook erg goed als mensen halverwege de reis ineens weinig trek hebben om hun boek te schrijven. En dus kijk ik ook niet raar op als iemand roept dat hij of zij het even niet meer ziet zitten. Als iemand door een diep dal heen moet. Als het hem of haar te veel wordt en de lust in de schrijverij ver te zoeken is. Even niets meer, even uit het lood geslagen. De knop op uit… Als schrijver wordt jouw zelfvertrouwen behoorlijk op de proef gesteld en moet je zo ongeveer een olifantenhuid hebben. Als je al je hoofd boven het maaiveld durft uit te steken en besluit om je boek echt te gaan schrijven, kun je er gif op innemen dat anderen – meestal mensen die zelf niet durven of steeds smoesjes verzinnen in plaats van actie te ondernemen (!) – er iets van gaan vinden. En doorgaans zijn dat niet echt van die ondersteunende boodschappen. En niets menselijks is ons, schrijvers, vreemd. Dus binnen de kortste keren krijgt de badeend de overhand. En heeft onze innerlijke criticus ruim baan… Weg, goede voornemens om een boek te schrijven. Weg, ambities! Weg, zelfvertrouwen! Zelf heb ik ook meerdere keren in dat schuitje gezeten. Sterker nog, ik zou er een boek over kunnen schrijven. En misschien doe ik dat ook ooit nog weleens. Ik heb ‘plenty’ voorbeelden over feedback, kritiek, afwijzing en hoe ik daarmee omgegaan ben. Neem alleen al het artikel dat ik ooit schreef over de dakloze Klaas. Het was een van mijn eerste echte journalistieke achtergrondverhalen die ik mocht schrijven. Ik dacht mijn huzarenstukje te hebben geschreven, niets was minder waar! Heb je dat gemist? Lees het hier nog maar eens.
Perseverance is not a long race; it is many short races one after the other” – Walter Elliot, Amerikaanse RK priester en schrijver 1842-1928
Doorzetters krijgen boek af: respect!
Hoe dan ook: ik weet hoe het is om een artikel of boek te schrijven en het deksel op je neus te krijgen. En dus ook hoe pijnlijk het kan zijn als een eindredacteur of hoofdredacteur -of in het geval van mijn cliënten – een schrijfcoach feedback geeft en zegt dat het anders moet. Pakkender, speelser, boeiender, beeldender. En vooral als je urenlang op jouw stukje hebt zitten broeden, kan de moed je flink in de schoenen zakken. Dat maakt ook waarom ik respect heb voor al die schrijvers die ‘gewoon’ doorzetten. Mensen die niet bij deze tegenslagen meteen de handdoek in de ring gooien, maar volharden in hun missie: het schrijven van een boek. Net zo lang totdat het boek af is. Doorzetters met een hoofdletter D. Die al dat commentaar slikken en hun voordeel doen met deze soms bot klinkende feedback. De beloning wacht aan het eind van de rit. Mijn cliënten houden er een topproduct aan over: een non-fictieboek dat zo de schappen van de boekhandel zou kunnen (als de uitgevers dat ook willen) vullen.
Een prestatie die je niet voor mogelijk hield, toen je enkele maanden daarvoor nog door een diep dal ging en overwoog te stoppen met het schrijven van je boek…
{ 0 comments }