Editing. Of in beter Nederlands: teksten corrigeren. Niemand is er dol op om te horen dat zijn verhaal omgebouwd wordt. Ik ook niet. Je hebt hier het verhaal over een van mijn eerste ervaringen kunnen lezen, waarbij ik leerde om feedback te ontvangen. Hoe dat afliep, lees je in deel 2 van dit artikel: Hulde aan de ‘onverbiddelijke’ rode pen en waardevolle feedback van alle Anthonies.
“If you don’t get feedback from your performers and your audience, you’re going to be working in a vacuum” – Sir Peter Maxwell Davies, Britse componist
Felrode viltstift
Ik tuf met mijn oude, zilvergrijze Corsa naar het hoofdkantoor, een grachtenpand in Haarlem. Ik kom binnen, begroet de secretaresse – Joke heet ze, geloof ik – en overhandig beretrots mijn artikel aan hoofdredacteur Anthonie Vermeer, die druk bezig is om teksten van collega-journalisten te corrigeren. Hij werpt een vluchtige blik op mijn print en nodigt me op vriendelijke toon uit voor een kop koffie. Dan kan ik ondertussen wachten om zijn oordeel te horen, is de onderliggende boodschap die hij niet direct hardop uitspreekt. De vijftien minuten die volgen zijn de heftigste uit mijn leven, als het gaat om leren incasseren wat anderen zeggen. “Dat is niet goed, daar ben je onduidelijk. Waarom vraag je niet door? Je bent vergeten om dit aan de kaak te stellen. En waarom dik je dat niet aan?”, klinkt het uit de mond van Anthonie, die driftig tekeergaat met zijn irritante, felrode viltstift. Het gevreesde wapen om teksten te corrigeren. Of zoals wij, schrijvers vaak denken, om zeep te helpen…
Als een mitrailleur vuurt hij binnen een paar tellen een salvo aan kritische opmerkingen op me af. Mijn zelfvertrouwen en overtuiging dat ik een geboren schrijftalent ben krijgen een gigantische optater. “Waarom doe ik dit eigenlijk? Ik kan helemaal niet goed schrijven, ik moet nog veel leren”, galmt het door mijn gedachten. En nog erger: ik dreig de handdoek in de ring te gooien. “Ik kan beter iets anders gaan doen. Dit wordt nooit wat!”
De “Anthonies” in mijn leven
Achteraf gezien ben ik Anthonie bijzonder dankbaar. Voor zijn feedback en – ja, ook – het corrigeren van mijn teksten. Hij is het namelijk die mij motiveert om nog scherper te worden, meer emotie en diepgang in mijn verhalen te brengen en losser te schrijven. Zie maar eens waar me dat nu heeft gebracht: ik ben actief als online schrijfcoach. En wat doe ik nu? Ik zei het al: teksten corrigeren. Het kan raar lopen in iemands leven… Na deze periode kom ik nog meer “Anthonies” op mijn pad tegen. Stuk voor stuk vaklieden die mij de fijne kneepjes van het ambacht bijspijkeren. Alleen heten ze Dolf, Wessel, Dennis, Jeanette, Peter of Michiel. Maar ze hebben één ding gemeen: zij delen met mij wat ze zelf in de praktijk hebben geleerd. In dat opzicht ben ik dus ook een Anthonie geworden. J En weet je wat ik denk? Ik denk dat zij ooit zelf van hun eigen hoofdredacteur dezelfde feedback hebben gekregen. Ik heb het hen nooit gevraagd, maar ik vermoed haast van wel. Reden ook waarom ik niet schroom om met jou mijn verhalen, kennis en inzichten te delen!
Eind goed, al goed
Terug naar het verhaal over het Straatjournaal… Anthonies commentaar is terecht. Volkomen terecht, zelfs. Want ik heb inderdaad belangrijke vragen laten zitten. En dus mag ik nogmaals aan de slag, zelf mijn teksten corrigeren. Mijn verhaal bijschaven en – een extra uitdaging – Klaas weer zien op te sporen. Beide opdrachten vallen niet mee. De hoofdpersoon houdt zich namelijk vooral schuil in het stadspark of zwerft ’s nachts rond bij het verlaten station. En dat zijn nu eenmaal niet de plekken waar ik graag kom. En al helemaal niet bij nacht en ontij. Een telefoontje met de mensen van het Leger des Heils biedt gelukkig soelaas. Zij kunnen voor mij regelen dat Klaas mij terugbelt, zo beloven zij. En dat doet Klaas gelukkig ook. Dus met één telefoongesprek van een kwartiertje is alles in kannen en kruiken. En met de nieuw verworven informatie kan ik goed uit de voeten. Anthonie vindt dit verhaal beter en geeft het een mooie plek in het Straatjournaal. Zo is – zoals het hoort bij een verhaal uit de oude doos – iedereen alsnog tevreden…
{ 0 comments }
Zeven redenen waarom ik blog met WordPress
May 13, 2010Wie zijn eigen boek wil gaan schrijven, raad ik aan om van schrijven een succesgewoonte te maken. Dat betekent dus elke dag schrijven. Korte teksten, langere teksten. Een prima methode, zo leerde ik je al eerder, is bloggen. Zelf werk ik met WordPress. In dit artikel noem ik je zeven redenen voor mijn keuze. Met dank aan [...]