“We zoeken een young professional die eager is met een getting things done-mentaliteit voor onze customer support services, omdat added value hoog bij ons relationship program in het vaandel staat”. Ooit hoorde ik een soortgelijke zin op de radio. Wat? Wat zoeken ze, dacht ik nog. Pas nadat ik de reclame een keer of tien gehoord had, begreep ik waarover het ging. Voor wie het nog niet doorhad: ze zoeken dus een ambitieuze, enthousiaste dertiger die van aanpakken houdt en weet hoe hij goede resultaten kan boeken met de klantenservice. Tja… zeg dat dan! Jargonisme, het onnodig ‘duur’ en vaag taalgebruik hanteren, daarover gaat dit blogartikel.
Misschien heb je het zelf weleens meegemaakt. Je wilt je website in de lucht krijgen, maar de zaak gaat plat. Een groot drama, vooral als je – net als ik – een digibeet bent en dus geen verstand hebt van computers of webtechniek. Dus bel je naar je serviceprovider, het bedrijf dat jouw website host (ervoor zorgt dat je normaal gesproken gewoon online bent). Met een beetje pech krijg je dan een ICT-freak aan de telefoon. Je weet wel, zo’n mannetje dat waarschijnlijk de godsgeslagen dag niets anders doet dan prutsen met pc’s. Gewoon omdat hij het leuk vindt (…) En hij verdient er ook nog geld mee ook. Bakken met geld. Maar goed, je krijgt hem dus aan de telefoon – volg je het nog? – en dan vertel je hem wat er aan de hand is: mijn website is offline. De zaak ligt plat. Na een korte stilte antwoordt hij dan: ja, dat komt waarschijnlijk door je DNS-server. De wattuh? Denk je dan, maar omdat je niet helemaal dom wilt overkomen slik je dat in. Mijn DNS-server. Hm, ik heb werkelijk geen flauw idee wat dat is… Ik vraag me weleens af: doen ze het er nou om? Waarom zegt zo iemand dat eigenlijk? Het zou verboden moeten worden!
Jargonisme: het lijkt soms wel Chinees…
Of je nu komt in ICT-kringen, in het studentenhuis in een naburige stad, bij een Rotary Club, op de beursvloer of in de bouwwereld, overal kom je gasten tegen die last hebben van – wat ik nu gewoon maar even noem - jargonisme. De sterke drang om bewust (of zouden ze het onbewust doen?) moeilijke woorden te gebruiken om te communiceren. Of zou het zelfs dwangmatig zijn? Wil iemand bijvoorbeeld willens en wetens laten weten dat hij of zij gestudeerd heeft? Het zou kunnen… Ik heb er zelf gelukkig weinig last van, omdat ik niet gestudeerd heb (hahaha) en omdat ik het prettig vind om begrepen te worden. Dus doe ik mijn best om te ‘levellen’ (ja ik weet het, weer zo’n afschuwelijk woord) met de ander. Ik weet uit communicatietrainingen die ik heb gevolgd dat het spreken slechts één aspect van communiceren is, luisteren is een andere. Maar dat wordt wel verrekte moeilijk als die ander zulke vage, en volstrekt onbegrijpelijke taal bezigt… Soms heb ik het idee dat ik met een Chinees sta te praten als iemand zich zo uit. En om eerlijk te zijn: mijn Chinees gaat niet verder dan ni-hao. Of was dat nou Japans? Ik wil daarom een oproep doen aan alle lezers van mijn blog, of je nu wetenschapper, putjesschepper, vuilnisman of advocaat bent, om jouw boek te schrijven in een voor ieder begrijpelijke taal. Heb je daar moeite mee? Dat zou natuurlijk kunnen, vooral als het je tweede natuur is om zo te communiceren. In dat geval raad ik je aan om de volgende tips in acht te nemen.
Drie tips om jargon te vermijden of te beperken
1. Hanteer simpel taalgebruik. Doe net alsof je partner een brugklasser is en probeer eens om op dit niveau te communiceren. Oefening baart kunst. Dus gewoon doen. En… je leert meteen beter communiceren, want je merkt al snel dat de ander beter zal luisteren. Geloof me: er gaat een wereld voor je open.
2. Vertaal die moeilijke woorden. Als je het toch lastig blijft vinden om geen moeilijke, vage en dure woorden te gebruiken, ontpop jezelf dan als een vertaler. Oftewel: leg je gesprekspartner of lezer uit wat je met iets bedoelt. Precies zoals ik in bovenstaande tekst ook deed toen ik het had over het internetbedrijf en de hosting van mijn website. Het is jouw taak om ervoor te zorgen dat de ander voor wie jij een boodschap hebt jou begrijpt. Dus… tolken maar!
3. Vermijd Engelse of Duitse termen waarvoor ook een Nederlands woord bestaat. Deze vind ik persoonlijk nogal “tricky” (is daar een Nederlands woord voor eigenlijk: listig? of lastig, misschien). Want in bijvoorbeeld de luchthavenwereld barst het van de Engelse termen. En woorden als manager of art director zijn toch redelijk ingeburgerd. Hmmm, je ziet… het blijft lastig!
Wat vind jij van jargonisme?
Plaats je comment (dat wil zeggen… een opmerking) onderaan dit … jemig weer zo’n Engels woord… blog. Het lijkt me leuk om jouw mening en ervaring te horen over dit onderwerp.
Succes en … wees duidelijk!
Ron
{ 0 comments }